Categorieën

Hoe je door middel van storytelling een succesvolle dictator wordt

17 september 2018 | Natalie Holwerda-Mieras

Afgelopen donderdag vond de zevende editie van de Speech Battle plaats in de Balie in Amsterdam. 114 speechschrijvers gingen op zoek naar de autocraat in zichzelf en schreven een vlammende speech voor een dictator. Een professionele jury van speechschrijvers selecteerde de drie beste speeches, waaronder die van Natalie Mieras. Een mooie aanleiding om eens in het onderwerp ‘spreken als een dictator’ te duiken. Want wat maakt de speech van een dictator nou eigenlijk effectief?

Het woord “dictator” komt van het Latijnse werkwoord “dicteren”, wat “spreken” betekent. En dat is best logisch als je bedenkt dat taal een van de machtigste wapens in de handen van een onderdrukker is. Daarom is het goed om te weten welke retorische trucs dictators gebruiken: het wapent je tegen autocratische ontwikkelingen. Onderzoekers Reza Khanya en Zohre Hamzeloub bestudeerden de patronen in toespraken van 20 beruchte dictators, zoals die van Stalin, Kadhafi en Hitler. Ze ontdekten dat al deze dictators dezelfde drie retorische stappen zetten in hun speeches:

Benadruk gemeenschappelijkheid

Laat zien dat je een bent met je luisteraars. Dat kan door middel van het benadrukken van gedeelde religieuze waarden, het subjectief navertellen van de gezamenlijke geschiedenis of het belichten van patriottische waarden.  

Rechtvaardig het huidige beleid

Laat zie dat het huidige beleid van buitenlandse en/of interne vijanden niet werkt. Geef overzichtelijke oplossingen voor de deze problemen.

Deel bevelen uit

Geef duidelijke orders, maak daarbij gebruik van eufemismen (verzachtende woorden voor onprettige zaken). Sluit af met het uitspreken van wensen voor verder succes.

Natalie Mieras schreef voor de Speech Battle een speech voor de fictieve radicaal-linkse dictator Karl Engels. Ze maakte hierbij gebruik van alle bovengenoemde kenmerken, maar in haar speech springt een anekdote uit de 18e eeuw het meest in het oog. Het verhaal van Gravin Paula Androva loopt als een rode draad door de speech, en is een subjectieve navertelling van de geschiedenis. Met dit soort anekdotes proberen dictators volgens de onderzoekers ‘homogeniteit te bewerkstelligen, sociale afstand uit te roeien en affectieve en patriottistische gevoelens op te roepen’. Deze truc werkt polarisatie in de hand: we raken ervan overtuigd dat we tot dezelfde, unieke ingroup behoren.

Benieuwd of deze vorm van storytelling ook echt werkt? Lees dan hieronder de speech van Karl Engels, waarin hij de volksopstand van Burenië herdenkt, en zijn Grote Vijfjarenplan Voor De Toekomst Van Het Volk presenteert.

De speech

“Bureniërs, geliefde broeders en zusters. In 1767 vroeg koning Antonio Latezio om de hand van een jonge Bureense vrouw. Het was geen gewoon aanzoek. Latezio, de amorele koning van Dagro, hield de Bureense gravin Paulo Androva al twee jaar gevangen in ballingschap, samen met vele andere invloedrijke inwoners van Burenië. Haar schoonheid en intelligentie waren hem opgevallen. En nu, tijdens een officieel diner stelde hij haar de vraag: “Wilt u met me trouwen?”. Paula Androva twijfelde geen moment en weigerde zijn hand. De aanwezigen waren verbijsterd: hoe kon zij, een gevangene, de hand van haar heer en meester afwijzen? De bode van de koning liet Androva fluisterend weten dat zij een gruwelijke dood zou sterven als zij zou weigeren. Toch negeerde zij ook het tweede verzoek van de koning.

Ik moet aan Paula Androva denken nu wij onze bevrijding vieren. Want dat was het, vijf jaar geleden: een bevrijding. We bevrijdden ons van het NLB. Het Neo Liberaal Burenië bestuurde ons land bijna 20 jaar. Het bracht ons de vrije handel, een open samenleving en natuurlijk het internet. ‘Het blauwe licht’ noemden ze het. En wat waren we er blij mee.

We dachten dat de wereld voor ons open lag, dat we op het internet vrij waren om te gaan en staan waar we maar wilden. Terwijl we in werkelijkheid gevangen raakten in voorgeprogrammeerde algoritmes. We dachten dat we online alles gratis konden kopen, terwijl we in werkelijkheid zelf verkocht werden. We dachten dat we elkaar zouden vinden in talloze sociale netwerken, terwijl we elkaar in werkelijkheid kwijtraakten.

We verkochten onze ziel aan de duivel van het blauwe licht. Maar wie de duivel een beetje kent, weet dat hij niet alleen je ziel koopt maar ook zijn beloften niet nakomt. Want wat hebben we er eigenlijk voor teruggekregen? Wat hebben we ermee gewonnen?

Onze wegen zijn inmiddels hersteld maar onze kinderen zijn nog altijd verslaafd aan hun beeldscherm. Uur na uur scrollen zij door hun timelines, hunkerend naar likes, snakkend naar erkenning. Ze zitten naast ons aan tafel maar ze zijn niet aanwezig. We hebben geen idee wie ze zijn en wat hen bezighoudt.

Wat hebben we gewonnen?

Onze economie komt inmiddels weer op gang maar onze laagopgeleiden staan nog altijd buitenspel, overbodig gemaakt door robots en vervangen door appjes. Want in de wereld van het blauwe licht is er geen plek voor kwetsbaren, verstandelijk beperkten of ouderen.

Wat hebben we gewonnen?

De corruptie is inmiddels bestreden maar onze verhalen zijn nog altijd zoek. We lezen geen boeken meer en komen niet in de moskee, de kerk of het clubhuis. We kennen de Amerikaanse geschiedenis beter dan die van ons eigen land. Onze kinderen hebben geen idee wie Paula Androva is. Hun verbeelding wordt gevoed door Hollywood en hun ideeën komen voort uit hun timelines. Timelines die voor de hoogste bieder te koop zijn en door bots beheerd worden.

Ik vraag u nogmaals: wat hebben we gewonnen?

Toen Paula Androva het bevel van de koning negeerde deed ze dat niet uit trots, noch uit hoogmoed. Androva weigerde omdat ze begreep wie ze ten diepste was en wist waarvoor ze stond. Ze was niet bereid om haar identiteit op te geven voor pracht en praal. Ze weigerde haar waarden in te ruilen voor invloed en erkenning. Ze vertikte het om een rol te spelen in het bedenkelijke spel van de koning.

In de afgelopen vijf jaar heeft de regering zich gericht op het herstel van het land. Stapje voor stapje hebben we onze natie herbouwd. Er is weer rust in het land, en het vertrouwen in de overheid komt langzaam maar zeker terug. Dit is het moment om na te denken over wie we zijn, en over wie we willen zijn. Waar staan wij eigenlijk voor? Dit is het moment voor een totaal nieuwe stap. Een vijfjarenplan dat ons voor eens en voor altijd zal bevrijden van de tirannie van het blauwe licht.

Ons plan is simpel. Om te beginnen bannen we de beeldschermen van onze telefoons. Telefoons worden weer een apparaat om mee te bellen. Alleen onze laptops zullen ons toegang geven tot een gesloten internet dat beheerd wordt door de Bureense overheid. Daar zal een schat aan kennis vrij verkrijgbaar zijn voor iedereen. Geen algoritmes, geen datamining, geen cookies. Het internet zal eindelijk de plek zijn die het altijd al had moeten zijn: een oneindige bron van wijsheid, achtergronden en inzicht.

Misschien denkt u nu dat het internet als handelsplaats zal verdwijnen, maar niets is minder waar. Het Bureense internet zal ruimte bieden aan vele soorten nationale ondernemingen. Het enige verschil is dat u niet meer betaalt met uw privacy, maar met geld. En dat is wat ons betreft een veel betere deal.

We zorgen ervoor dat niet alleen het internet maar ook de samenleving toegankelijk zal zijn voor iedereen. Niemand mag achterblijven in ons geliefde Bureense rijk. Daarom introduceren wij een basisinkomen voor alle inwoners, jong en oud, sterk en zwak. Alle inwoners zullen profiteren van onze rijkdom.

Maar het belangrijkste dat we willen herstellen zijn onze verhalen. We zullen onze kinderen vertrouwd maken met onze geschiedenis en waarden. Dat doen we via speciale programma’s op onze scholen en op het internet. We richten clubhuizen op waar onze jongeren samen kunnen komen om met elkaar het feest van onze identiteit te vieren. En we nodigen filmmakers, acteurs en kunstenaars uit om Bureense verhalen te vertellen. Verhalen die in nauwe samenwerking met ons gloednieuwe ministerie van Cultuureducatie zullen ontstaan.

Bureniërs, toen Paula Androva in 1767 de hand van Antonio Latezio weigerde tekende ze haar eigen doodsvonnis. Ze stierf een langzame en pijnlijke dood in de kerkers van het paleis. Ik stel me zo voor dat ze in die laatste momenten nagedacht moet hebben over haar land. Ze zal de glooiende heuvels van haar geboortestreek Tizli voor zich hebben gezien, het statige kasteel van Kostero, de bloeiende jasmijn in het dal van Emilia. Wat zal ze verlangd hebben naar Burenië, haar Burenië. Laten we Paula Androva de komende jaren eren, ja laten we haar thuishalen door Burenië weer de plek te laten zijn waar zij voor opstond. Een Burenië waar kinderen tot bloei komen, waar ouderen gezien worden en waar werkenden in hun kracht staan. Een Burenië dat zich niet langer laat verduisteren door het blauwe licht, maar zich laaft aan de heldere zon van gerechtigheid. Laten we ons hier de komende vijf jaar onvermoeibaar voor inzetten lieve broeders en zusters. Niet omdat het moet, niet omdat het kan, maar omdat het is wie we ten diepste zijn: een goed volk.”

Natalie Holwerda-Mieras

Reageer

Reageer







Driewekelijks Presentatiepost ontvangen? Inschrijven